De Noachidische geboden – deel 1

zeventig
Slechts één onderscheid – Noachitische geboden

Ooit gehoord van de zeven Noachidische geboden die aan de heel mensheid zijn opgedragen? Misschien wel maar dan waarschijnlijk oppervlakkig.

In de komende artikelen gaan we meer informatie en uitleg hieraan geven.

Hier een eerste introductie van Rabbijn R. Evers:

De Thora bevat ook wetten voor niet-Joden, de zeven Noachidische regels. De Thora is niet eenkennig. Hoewel wij tegenwoordig de verschillende geloofsgroeperingen van elkaar onderscheiden met een veelvoud aan termen en begrippen, erkent de Thora slechts één onderscheid: Joods versus niet-Joods. Onder de term ‘Joods’ versta ik het onderworpen zijn aan de voorschriften van de Thora en onder ‘niet-Joods’ het onderworpen zijn aan de zeven Noachitische wetten, die voor alle afstammelingen van Noach tot op de dag van vandaag gelden.

Doordat de mensheid afgoden is gaan dienen en zich vastklampte aan allerlei zelf ontworpen religies zijn de Noachidische opdrachten weinig bekend, zowel in Joodse als in niet-Joodse kring. Ter gedachtebepaling som ik reeds nu deze zeven voorschriften summier op. Zij luiden:

1. Avoda Zara: het verbod van afgodendienst, 

2. Birkat HaSjeem: het verbod van
G-dslastering, 

3. Sjefichoet Damiem: het verbod van moord, 

4. Arajot: het verbod van bloedschande, 

5. Gezel: het verbod van diefstal, 

6. Ever Min Hachai: het verbod een lidmaat van een levend dier af te snijden, 

7. Diniem: het gebod van rechtsspraak. 

Neveneffecten

Naast de religieuze betekenis van deze geboden zijn zij ook bedoeld als jisjoev ha’olam: stabilisator in intermenselijke verhoudingen. De zeven Noachidische geboden zijn de minimale richtlijnen voor iedere beschaafde samenleving. Wanneer deze leefregels niet nagekomen worden, is de samenleving gedoemd te falen op fundamentele punten. De menselijke samenleving ontbindt bij gebrek aan basale fundering.

G-d gaf deze regels aan Adam en Noach. Adam kreeg zes leefregels. Noach kreeg er nog een bij omdat na de Zondvloed het eten van vlees werd toegestaan. Daarom kwam er een verbod tegen dierenkwelling bij. Later werden ze op de berg Sinaï in het jaar 2448 na de Schepping herhaald (3323 jaar geleden; we leven nu 5782 anno mundi). Het Joodse volk kreeg de opdracht deze voorschriften te verspreiden en te interpreteren. Uiteindelijk zal de hele wereld deze universele leefregels en beginselen van iedere maatschappij aanvaarden. De meeste beschaafde volkeren hebben ze inmiddels aanvaard, ook al erkennen ze niet de G-ddelijke oorsprong ervan.

Bronnen
Noachitische

De zeven Noachitische voorschriften zijn gegeven aan Noach na de zondvloed. Deze geboden gelden voor de gehele mensheid, omdat alle mensen afstammen van Noach. Wie zich daaraan houdt, komt in het Hiernamaals.

Avraham heeft met Noach en zijn zoon Sem gesproken. Toen Avraham de ene G-d met Zijn aan Noach geschonken geboden erkende, scheidde hij zich als enige ware volgeling af van de rest van de wereld. Hij is de aartsvader van alle religieuze mensen geworden en propageerde het naleven van de Noachitische geboden. Toen ontstond er een onderscheid tussen de G-ddelijke geboden voor de hele mensheid en de extra geboden voor de afstammelingen van Avraham. De Joden kregen later bij de berg Sinaï, in 2448 na de Schepping, eigen, nog uitgebreidere leefregels.

Bij het geven van de Thora zijn ook de zeven Noachitische wetten herhaald. Het Joodse volk zou deze voorschriften onderwijzen aan de niet-Joodse volkeren. Dit gebeurde al direct bij het betreden van de Israëlische bodem. Bij de intocht in Kena’an werden er aan de ingang van het Heilige Land enorme stenen zuilen opgericht waarop de Noachitische geboden geschreven werden. Zelfs buiten Israël werd in het galoet, de diaspora, deze leer onderwezen en uitgedragen voor iedereen, die maar luisteren wilde. ….

wordt vervolgd….

Gerelateerde berichten

Reageer