Zonder passie geen Thora

Rabbi Levi Jitschak van Berditchev was een grote chassidische leider in 18e eeuw in Europa. Het is wel bekend dat zijn liefde voor God was zo groot was dat hij in een constante staat van extase leefde. Tijdens zijn Sjabbat tafel, als hij aan het bidden was, wist niemand wat er zou gaan gebeuren. Zou hij zijn Kiddush beker in de lucht gooien? Of beginnen te dansen boven op de tafel? Of een onderbreking te maken om een uur lang te zingen?

Het verhaal gaat dat Rabbi Levi Jitschak een Shabbat maaltijd wilde nuttigen samen met Reb Baruch van Medzhibozh, een andere beroemde Chassidische meester.

Er was echter een probleem: Aan tafel bij Reb Baruch, werd alles gedaan op een waardige, koninklijke wijze – en alle wildheid van de kant van de Rabbi Levi Jitschak wordt niet gewaardeerd.

De twee rabbijnen hebben een overeenkomst gesloten: Rabbi Levi Jitschak voelde dat hij zich zou kunnen beheersen als hij alleen maar zou zwijgen en niets zeggen behalve “amen” tijdens de maaltijd.

Tijdens de maaltijd verliep, tot ieders verbazing, alles vlot. Dat wil zeggen, totdat rebbe Baruch’s bediende Rabbi Levi Jitschak vroeg of hij van zoete vis of zure vis hield.

“Vis ?!” Riep Rabbi Levi Jitschak

“Moet ik van vis houden ?! Ik hou van God !!” Schreeuwde hij en overmand door extase gooide hij de vis in de lucht. Tot ieders afgrijzen, landde de vis op rebbe Baruch’s Tallis (gebedskleed) en maakte het helemaal vies. De spanning zat in de lucht, terwijl iedereen de reactie van rebbe Baruch afwachtte.

Reb Baruch reageerde heel rustig en zei: “Deze vlekken zijn ‘heilige vlekken’ – ze zijn veroorzaakt door een Jood die echt van God houdt.” Daarna weigerde Reb Baruch de vlekken uit te wassen – omdat deze vlekken het enorme enthousiasme symboliseren. En deze gekoesterde, gevlekte Tallis is doorgegeven van generatie op generatie!
McBee-102612-Rain
Rabbi Levi Jitschak’s gedrag, lijkt heel erg uitzonderlijk maar het heeft een belangrijke bron in de Joodse traditie. Binnen de Joodse literatuur benadrukken de Geleerden de noodzaak om je leven te leiden – je geestelijk leven – met hartstocht. In krachtige spirituele boek van Rabbi Kalman Shapira, Eesh Kodesh (Heilig Vuur) staat: dat ieder mens gevuld is met hartstocht; de enige vraag is in welke richting richten wij onze hartstocht.

Een hele belangrijke les leren wij uit de Parasha, afdeling, Ki Tavo. Een lang stuk van 53 verzen beschrijft alle verschrikkelijke dingen die het Joodse volk zullen overkomen als ze zich niet goed gedragen. Dergelijke straffen zoals verwarring, angst, depressie, onwetendheid, honger – en erger – zal hen overkomen. Opmerkelijk is echter dat de Thora benadrukt dat dit alleen kan gebeuren indien “U heeft de Heer uw God niet dient met vreugde en goedheid van hart” (Deut. 28:47).

Het dienen van God bestaat niet alleen uit het houden van de mitswot (geboden). Je moet het doen met enthousiasme en vreugde! De SFAS Emes (onder vermelding van de Arizal) geeft ons een idee wat voldoende vreugde is in het dienen van de Almachtige. Hij stelt dat iemands vreugde voor spirituele zaken gelijk moet zijn (zo niet meer) dan de vreugde die je voelt als je iets in de fysieke en materiële wereld doet. De manier waarop je rent voor pizza of een lekker etentje, zo moet je rennen om  naar de synagoge te gaan of als je Thora gaat leren.

De richting waarop je je hartstocht richt geeft aan wie je werkelijk bent.

Over de schrijver

Reply